Toen ik twintig jaar geleden begon met schrijven, lesgeven en interviews geven, hield één vraag me vooral bezig: hoe kan ik mijn uitspraken zo goed mogelijk onderbouwen?
Standpunt
Als je een standpunt inneemt over voeding, hormonen of gezondheid, moet je kunnen uitleggen waar dat standpunt vandaan komt. Welke...
- onderzoeken liggen eraan ten grondslag?
- fysiologische mechanismen spelen een rol?
- praktijkervaring ondersteunt het?
Kritiek kreeg ik zeker, maar die ging best vaak over de inhoud. En eerlijk gezegd vond ik dat prima. Kritische vragen houden je namelijk scherp.
Andere vorm van kritiek
De afgelopen tien jaar merk ik echter dat er iets veranderd is. Natuurlijk krijg ik nog steeds inhoudelijke vragen, maar vaker ben ik met iets anders bezig. Niet zozeer met de vraag hoe ik een uitspraak kan onderbouwen, maar: hoe kan ik voorkomen dat een uitspraak uit zijn verband wordt getrokken?
Dat vraagt een heel andere vorm van alertheid. Je kunt een interview van een uur geven en vervolgens wordt één zin eruit gehaald. Je kunt tien nuances aanbrengen en uiteindelijk wordt alleen de meest prikkelende uitspraak geciteerd. Je kunt een genuanceerd verhaal vertellen en vervolgens worden er conclusies aan verbonden die je zelf nooit hebt getrokken.
Dat is geen leuke energie.
Het zorgt ervoor dat je soms drie keer nadenkt voordat je iets zegt. Niet omdat je bang bent voor inhoudelijke kritiek, maar omdat je probeert te voorspellen hoe een uitspraak mogelijk geframed kan worden. Wat ik daar misschien nog wel het lastigste aan vind, is dat een deel van je aandacht verschuift van creëren naar verdedigen.
Open gesprek
Tijd en energie die ik liever steek in het bestuderen van nieuwe inzichten, het ontwikkelen van opleidingen of het helpen van mensen, gaat soms op aan het voorkomen van misverstanden. Als oprichter van het Hormoonfactor Instituut voel ik daarin ook een extra verantwoordelijkheid. Uitspraken raken niet alleen mij, maar kunnen ook afstralen op het instituut, mijn collega's, docenten en de vele professionals die wij hebben opgeleid. Dat voelt soms als een verlies voor het open gesprek waar kennisontwikkeling juist bij gebaat is.
Ik moet ook toegeven dat ik daar niet volledig lak aan kan hebben. Sommige mensen zeggen weleens: "trek je er niets van aan". Maar zo simpel is het niet. We leven in een tijd waarin framing grote gevolgen kan hebben. Als mensen je consequent in een bepaald hokje proberen te plaatsen, kan dat invloed hebben op samenwerkingen, zakelijke kansen en het vertrouwen dat anderen in je hebben.
In het uiterste geval kan het zelfs gevolgen hebben voor het voortbestaan van wat je hebt opgebouwd. Juist daarom is deze manier van discussiëren zo effectief. Niet omdat de inhoud wordt weerlegd, maar omdat reputatieschade vaak sneller werkt dan een inhoudelijke discussie.
Hetzelfde zie ik gebeuren bij samenwerkingen. Vroeger keek ik vooral naar de vraag of iemand interessante kennis, ervaring of inzichten had. Tegenwoordig merk ik dat ik soms ook nadenk over iets anders: hoe zal deze samenwerking door anderen worden uitgelegd? Niet omdat ik minder opensta voor andere visies, maar omdat ik zie hoe snel associaties tegenwoordig worden gemaakt.
Soms lijkt het alsof een gesprek voeren met iemand al voldoende is om verantwoordelijk te worden gehouden voor alles wat die persoon ooit heeft gezegd of gedaan. Alsof een gezamenlijke podcast, interview of video automatisch betekent dat je alle standpunten van die persoon onderschrijft. Ik geloof daar niet in.
Toch is dit wel de realiteit van deze tijd. Niet alleen voor mij, maar voor veel professionals die zichtbaar zijn in het publieke debat. Het lijkt soms alsof het minder gaat over wat iemand daadwerkelijk zegt en meer over hoe iemand neergezet kan worden. En eerlijk gezegd vraag ik me regelmatig af hoe we hier terecht zijn gekomen. Het was namelijk niet altijd zo. Natuurlijk waren er vroeger ook discussies en stevige meningsverschillen, maar veel vaker ging het over argumenten en over wat iemand daadwerkelijk bedoelde.
In een hokje plaatsen
Tegenwoordig lijkt het soms aantrekkelijker om iemand in een hokje te plaatsen dan om echt te luisteren. Misschien...
- komt het door sociale media.
- is dit zo doordat verontwaardiging meer aandacht trekt dan nuance.
- is dit ontstaan doordat mensen zich steeds sterker identificeren met een bepaalde groep of overtuiging.
Ik weet het niet precies.
Wat ik wel weet, is dat we er allemaal iets mee winnen als we weer leren om het respectvol oneens met elkaar te zijn. Niet...
- iedereen met een afwijkende mening is een vijand.
- iedereen met wie je samenwerkt hoeft overal hetzelfde over te denken.
- iedere uitspraak die je niet bevalt, hoeft een reden te zijn om iemand weg te zetten of te cancelen.
Ik merk in ieder geval dat ik mezelf er steeds vaker aan probeer te herinneren om eerst te luisteren en pas daarna te oordelen. Dat lukt me vast niet altijd, maar ik denk wel dat daar een deel van de oplossing ligt. Ik blijf proberen om zorgvuldig te zijn, mijn uitspraken zo goed mogelijk te onderbouwen en open te staan voor inhoudelijke kritiek. Want uiteindelijk is dat de enige kritiek waar je echt beter van wordt. Misschien begint een beter debat wel met iets heel eenvoudigs: eerst proberen te begrijpen wat iemand bedoelt, voordat je besluit waarom hij ongelijk heeft.



